Stappenplan

Stappenplan
1.Startpagina

1. De startpagina

Om te beginnen met het aanvragen van uw definitieve energielabel gaat u naar de website van dea Rijksoverheid Energielabelvoorwoningen.nl. Hier dient u als eigenaar van de woning met uw DigiD in te loggen zodat enkele basisgegevens van de woning worden ingeladen. Dit zijn de gegevens van het voorlopige energielabel dat begin 2015 aan alle Nederlandse woningeigenaren toegestuurd is.

Klik vervolgens op de knop “Mijn energielabel aanvragen voor particulieren

2. Inloggen met DigiD
2. Inloggen met je DigiD

Wanneer u op de knop “Mijn energielabel aanvragen voor particulieren” klikt wordt onderstaande inlogpagina getoond. Door in te loggen met uw DigiD krijgt u als eigenaar toegang tot de beschermde omgeving om uw definitieve energielabel aan te vragen.

3. De welkomstpagina
3. De welkomstpagina 

U ziet de welkomstpagina en een overzicht van uw woning(en) met enkele gegevens uit het kadaster op basis waarvan het voorlopige energielabel is bepaald. Dit voorlopige energielabel is een inschatting op basis van het woningtype, de bouwperiode en de woonoppervlakte. Door op de knop “verder met mijn aanvraag” te klikken kunt u de basisgegevens controleren en indien nodig aanvullen.

4. Vaststellen in 5 hoofdstappen
4. Vaststellen in 5 hoofdstappen

Stap 1
Controleren en eventueel aanpassen van de basisgegevens zoals het bouwjaar van uw woning.

Stap 2
Aanvullen van de gegevens die relevant zijn voor het energielabel, zoals bijvoorbeeld het type
glas en de isolatie van uw woning.

Stap 3
Wanneer u bij stap 2 energiebesparende maatregelen heeft ingevoerd dient u hiervoor bewijs aan te leveren.

Stap 4
Uw gegevens en de bewijslast dient door een erkend deskundige te worden goedgekeurd. Selecteer hier een onafhankelijke erkend deskundige van “Label-snel” die uw aanvraag gaat beoordelen.

Stap 5
Verstuur uw aanvraag naar de erkenddeskundige.

5. Controleer gegevens
5. Controleer gegevens

Deze pagina toont het woningtype, woningsubtype, de bouwperiode en de woonoppervlakte zoals deze door het kadaster zijn aangeleverd om het voorlopige energielabel te bepalen. Op deze pagina is het mogelijk om eventuele onjuiste gegevens te corrigeren.

Wanneer het woningtype, bouwperiode en/of oppervlakte van uw woning niet overeenkomt met hetgeen dat is aangegeven kunt u op “wijzigen” klikken om dit aan te passen.

Wanneer het woningtype niet klopt en u op de knop “wijzigen” klikt krijgt u vervolgens onderstaande woningtypes te zien waar u het woningtype selecteert dat voor u van toepassing is. Wij controleren alleen het bouwjaar en/of woningtype van de woning wanneer dit is gewijzigd.

De makkelijkste manier om te bewijzen welk woningtype u heeft, is het maken van een foto van zowel de voorgevel en achtergevel van de woning. Op de foto moet de totale voor- en achtergevel van de woning te zien zijn. (inclusief de aansluiting met de eventuele naastgelegen woningen)

Wanneer u voor het wijzigen van het woningsubtype kiest krijgt u meerdere keuzemogelijkheden te zien. Hier kunt u het woningsubtype selecteren dat van toepassing is voor uw woning.

6. Vul uw gegevens aan
6. Vul uw gegevens aan

Vanaf hier specificeert u de energetische kenmerken van uw woning.

De eerste vraag is wat voor type glas u heeft. Hier geeft u aan welk type glas het meeste in uw woning voor komt. U geeft dit aan voor zowel het type glas in de woonruimte(s) als in de slaapruimte(s).

Wat is een leefruimte, wat is een slaapruimte?

Leefruimten: Woonkamer, eetkeuken, eethoek
Slaapruimten: Kamers die alleen of vooral als slaapkamer worden gebruikt

Overige ruimten: WC, badkamer, hal, bijkeuken, berging, garage, schuur, studie- of werkkamer
(niet van belang voor de aanvraag)

Er zijn vier soorten glas invoermogelijkheden:

  • Enkel glas
  • Dubbel glas
  • HR glas
  • Drievoudig glas (triple/ HR+++)

Hierbij krijgt u de volgende keuzes te zien:

Hoe herkent u het type glas?

De makkelijkste manier om erachter te komen welk type glas uw woning heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat welk glas is aangebracht.
  • Heeft u geen documenten, dan moet u uw glas bekijken.

Aan de rechter kant van het scherm ziet u de indicatie van het energielabel, wanneer u het type glas aanpast ziet u dat het indicatie energielabel wijzigt.

Enkel glas:
Enkel glas bestaat uit één glasplaat.

Dubbel glas:
Dubbel glas is te herkennen aan een aluminium strip tussen twee glasplaten.
Foto van een kozijn

Foto van een kozijn

HR glas:
Dubbel glas en HR glas lijken op elkaar. Beide soorten glas hebben een aluminium strip tussen twee glasplaten. HR glas heeft een extra isolerende folie, maar deze is onzichtbaar. Hoe ontdekt u nu of u dubbel glas heeft of HR glas?

  • Kijk op de aluminium strip tussen de glasplaten. Ziet u de letters HR: dan is het HR glas.
  • Staan er geen letters, of wel letters maar geen HR: dan is het meestal dubbel glas. U kunt dan op een andere manier nagaan of het wel om HR glas gaat. Bijvoorbeeld door de codes die in de aluminium strip staan te checken of een test met een aansteker of lucifer te doen. Zie hieronder voor uitleg over beide methodes.

HR glas controlerenHR glas controleren aan de hand van de vlammen
Doe een check met een aansteker/ lucifer
U kunt ook een check met een aansteker of lucifer doen. Houd een brandende aansteker of lucifer voor het glas en kijk schuin op het glas. Bij dubbel glas en HR glas ziet u vier vlammetjes in het glas gespiegeld:

  • Alle vier de vlammetjes dezelfde kleur: het is dubbel glas
  • Het tweede of derde vlammetje heeft een iets andere kleur: het is HR glas (zie op de foto)

Tip: U kunt ook proberen om met de zaklamp op uw telefoon te checken of u dubbel glas of HR glas heeft.

Heeft u in ruimten verschillende soorten glas?
Neem bij de vraag over leefruimten en bij de vraag over slaapruimten het meest voorkomende type glas als antwoord. Het meest voorkomend wil zeggen: het type glas waar de meeste vierkante meters glas van zijn.

Let op:
Enkel glas met een voorzetraam moet ingevuld worden als dubbel glas.
Glas in lood geplaatst tussen twee andere glasvlakken moet u ook invullen als dubbel glas omdat het glas in lood niet luchtdicht is.

Drievoudig glas (triple/ HR+++)
Drievoudig (triple) HR glas heeft een warmte reflecterende metaalcoating en een extra gasvulling tussen deze glasplaten. Drievoudig (triple) HR glas heeft twee aluminium strips tussen drie glasplaten.

  • U kunt drievoudig (triple) HR glas herkennen aan de letters HR+++, die in de aluminium strips staan afgebeeld.
  • Staan er geen letters, maar wel codes? Check via deze codes die u in de aluminium strip kunt zien of het om triple HR glas gaat. Vul de codes in op een zoekmachine op internet en u vindt op de site van de fabrikant meer informatie over het soort glas.
7. Is uw gevel extra geïsoleerd
7. Is uw gevel extra geïsoleerd

Hier geeft u aan of de muren na de bouw nog extra geïsoleerd zijn.

Er zijn drie invoermogelijkheden:

  • Gevel niet extra geïsoleerd
  • Gevel extra geïsoleerd
  • Ongeveer 12cm gevelisolatie (aantoonbare Rc waarde: 3,0)

Hierbij krijgt u de volgende keuzes te zien:

Woningen t/m 1945

Is uw gevel geïsoleerd (woningen t/m 1945)?
Uw huis is gebouwd zonder gevelisolatie. De vraag is of er na de bouw door vorige bewoners of door u isolatie is aangebracht. Dit kan op verschillende manieren.

De makkelijkste manier om erachter te komen of uw gevel extra isolatie heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig – of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat dat er extra gevelisolatie is aangebracht.

Heeft u geen documenten, dan moet u uw gevel bekijken. Hieronder krijgt u een voorbeeld.

Hoe herken ik gevelisolatie? (bouwperiode t/m 1945)

Spouwmuurisolatie

  • Isolatiemateriaal wordt via geboorde gaten in de voegen tussen stenen in de spouw geblazen. U heeft spouwmuurisolatie als u in de voegen de opgevulde boorgaten ziet. De gaten liggen een meter uit elkaar, het is dus even zoeken.
  • Opgevulde boorgaten in voegen buitenmuur: extra isolatie

Opvullen isolatie

Let op: als uw huis van voor 1920 is, is uw huis hoogstwaarschijnlijk ook zonder spouw gebouwd. De spouw is de ruimte tussen binnenmuur en buitenmuur. Extra isolatie door spouwmuurisolatie is dus niet mogelijk. Misschien is er wel extra isolatie aan de buitenzijde of binnenzijde (voorzetwand).

Isolatie aan de buitenzijde

  • Is de buitenmuur van uw huis gebouwd met bakstenen, en zijn die nog steeds te zien? Dan heeft u géén extra isolatie aan de buitenzijde.
  • Is de buitenmuur af uw huis afgewerkt met pleisterwerk of steenstrips? Dan heeft u mogelijk extra isolatie. Dit kunt u bij het raamkozijn zien, als daar de muur dikker is (vuistregel: muur is dikker dan 30 cm).

Isolatie aan de binnenzijde

  • Het isoleren van de binnenmuur gebeurt met een voorzetwand. De muur wordt dikker. U kunt dat zien bij een raamkozijn (vuistregel: muur is dikker dan 30 cm).

Isolatie lengte

Let op: is uw gevel gedeeltelijk geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van uw gevel geïsoleerd? Vul dan in dat uw gevel geïsoleerd is. Is de gevel voor minder dan de helft geïsoleerd? Vul dan in dat uw gevel niet geïsoleerd is.

Woningen 1946 t/m 1974


Is uw gevel geïsoleerd (woningen van 1946 t/m 1974)?
Uw huis is gebouwd met een spouwmuur, maar zonder isolatiemateriaal in deze spouw. De spouw is de ruimte tussen de binnenmuur en de buitenmuur. De vraag is of na de bouw door vorige bewoners of door u isolatie is aangebracht.

De makkelijkste manier om erachter te komen of uw gevel geïsoleerd is, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat dat extra gevelisolatie is aangebracht.

Heeft u geen documenten, dan moet u uw gevel bekijken. Hieronder krijgt u hulp.

Hoe herken ik gevelisolatie? (bouwperiode 1946 t/m 1974)

Spouwmuurisolatie

  • Isolatiemateriaal wordt via geboorde gaten in de voegen tussen stenen in de spouw geblazen. De gaten liggen, in een regelmatig patroon, ongeveer een meter uit elkaar, het is dus even zoeken. Ziet u opgevulde boorgaten in de voegen van uw buitenmuur, die een meter uit elkaar liggen? Dan is uw gevel na de bouw extra geïsoleerd.

Opvullen isolatie
Isolatie aan de buitenzijde

  • Is de buitenmuur van uw huis gebouwd met bakstenen, en zijn die nog steeds te zien? Dan heeft u géén extra isolatie aan de buitenzijde.
  • Is de buitenmuur af uw huis afgewerkt met pleisterwerk of steenstrips? Dan heeft u mogelijk extra isolatie. Dit is het geval als de buitenmuur extra dik is (vuistregel: dikker dan 36 cm).

Isolatie aan de binnenzijde

  • Het isoleren van de binnenmuur gebeurt met een voorzetwand met daartussen isolatiemateriaal. De muur wordt dikker. U kunt dat zien bij een raamkozijn (vuistregel: muur is dikker dan 36 cm).

Opvullen isolatie 36cm

Woningen 1975 t/m 1991

Is uw gevel extra geïsoleerd (woningen van 1975 t/m 1991)?
Uw huis is gebouwd met isolatiemateriaal in de spouw. De spouw is de ruimte tussen de binnenmuur en de buitenmuur. Uw huis heeft dus al enige gevelisolatie. Maar de vraag is of na de bouw door vorige bewoners of door u extra isolatie is aangebracht.

De makkelijkste manier om erachter te komen of uw gevel extra isolatie heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat dat extra gevelisolatie is aangebracht.

Heeft u geen documenten, dan moet u uw gevel bekijken. Hieronder krijgt u hulp

Hoe herken ik gevelisolatie? (bouwperiode 1975 t/m 1991)

Extra isolatie aan de buitenzijde

  • Is de buitenmuur van uw huis gebouwd met bakstenen, en zijn die nog steeds te zien? Dan heeft u géén extra isolatie aan de buitenzijde.
  • Is de buitenmuur van uw huis afgewerkt met pleisterwerk of steenstrips? Dan heeft u mogelijk extra isolatie. Dit kunt u bij het raamkozijn zien, als daar de muur dikker is (vuistregel: muur is dikker dan 36 cm).

Isolatie buitenmuur

Isolatie aan de binnenzijde

  • Is uw binnenmuur geïsoleerd door de plaatsing van een voorzetwand met daartussen isolatiemateriaal? Dit kunt u bij het raamkozijn zien, als daar de muur dikker is (vuistregel: muur is dikker dan 36 cm).

Opvullen isolatie 36cm

Voor uitzonderlijk goede isolatie van 12 cm dik of met een RC-waarde gelijk aan of groter dan 3,0 maakt het niet uit of het tijdens of na de bouw is aangebracht.

Is uw gevel uitzonderlijk goed geïsoleerd?

Het kan zijn dat uzelf of een van de vorige bewoners van uw woning de gevel uitzonderlijk goed heeft geïsoleerd. Uitzonderlijk goed geïsoleerd betekent een gevel met 12 cm isolatie of een Rc-waarde van 3,0 of hoger.

De makkelijkste manier om uitzonderlijk goede isolatie te bewijzen is door het aanleveren van een foto. Minimale dikte isolatiemateriaal voor Rc waarde groter of gelijk aan 3.0 m² ww.
Glaswol meer dan 12 cm
PIR- en PUR-platen meer dan 8 cm

Een andere manier om erachter te komen of uw gevel uitzonderlijk goede isolatie heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat welke Rc-waarde de gevelisolatie heeft en/of de dikte van de gevelisolatie aangegeven staat.

Let op: is uw gevel gedeeltelijk uitzonderlijk goed geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van uw gevel uitzonderlijk goed geïsoleerd? Vul dan in dat uw gevel uitzonderlijk goed geïsoleerd is. Is de gevel voor minder dan de helft uitzonderlijk goed geïsoleerd? Vul dan in dat uw gevel niet uitzonderlijk goed geïsoleerd is.

8. Is uw dak extra geïsoleerd
8. Is uw dak extra geïsoleerd

Hier geeft u aan of uw dak na de bouw extra geïsoleerd is. Voor uitzonderlijk goede isolatie van 12cm dik of met een RC-waarde gelijk aan of groter is dan 3,0 maakt het niet uit of het tijdens of na de bouw is aangebracht.

Er zijn drie invoermogelijkheden:

  • Dak niet extra geïsoleerd
  • Dak extra geïsoleerd
  • Ongeveer 12cm dakisolatie of meer (aantoonbare Rc waarde: 3,0)

Hierbij krijgt u de volgende keuzes te zien:

Woningen t/m 1964

Is uw dak geïsoleerd (woningen t/m 1964)?
Bij de bouw van uw woning is het dak waarschijnlijk niet geïsoleerd. De vraag is of u of  de vorige bewoners het dak hebben geïsoleerd of laten isoleren.

Opzoeken in documenten
De makkelijkste manier om erachter te komen of uw woning dakisolatie heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat dat dakisolatie is aangebracht.

Heeft u geen documenten, dan moet u op ontdekking in uw huis. Hieronder krijgt u hulp.

Hoe herken ik dakisolatie? (bouwperiode t/m 1964)

Het herkennen van dakisolatie
Dakisolatie is meestal lastig te zien. Het is vaak weggewerkt achter (gips)platen of bij een plat dak achter het plafond.

Hoe kunt u dakisolatie wel zien? Er zijn verschillende mogelijkheden:

  • Heeft u een plat dak? In sommige gevallen ligt het isolatiemateriaal zichtbaar op de dakbedekking.
  • Heeft u een schuin dak? Dan kan het isolatiemateriaal aan de binnen- of buitenkant zijn aangebracht.

Aan de buitenkant: het isolatiemateriaal ligt tussen de dakpannen en het dakbeschot. Het dakbeschot is het hout of ander materiaal waar de dakpannen op liggen. Til vanuit een dakraam een dakpan op om dit te kunnen zien.

Aan de binnenkant: het isolatiemateriaal zit, zónder afwerkingsplaten, aan de binnenkant tegen het dakbeschot (het hout of ander materiaal waar de dakpannen op liggen). Het isolatiemateriaal is dan vanaf de binnenkant al goed zichtbaar.

Heeft u een schuin dak en zit het isolatiemateriaal tussen het dakbeschot en de afwerkingsplaten aan de binnenkant? Dan is de isolatie door de afwerking niet zichtbaar. U kunt dan kijken of het op een andere plek wel zichtbaar is:

  • Misschien zijn er bijvoorbeeld op de voorzolder of achter schotten wél onafgewerkte delen waar het isolatiemateriaal zichtbaar is.
  • Of is er een ventilatiepijp of rookgasafvoer die wat ruimte bij de afwerking heeft en waar het isolatiemateriaal wel zichtbaar en meetbaar is.

Let op: is uw dak gedeeltelijk geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van uw dak geïsoleerd? Vul dan in dat uw dak geïsoleerd is.
Is het dak voor minder dan de helft geïsoleerd? Vul dan in dat uw dak niet geïsoleerd is.

Woningen 1965 t/m 1991

Is uw dak na de bouw extra geïsoleerd (woningen van 1965 t/m 1991)?
Bij de bouw van uw woning is het dak matig geïsoleerd met materiaal van 3 tot 8 cm. De vraag is of u of vorige bewoners het dak aan de binnenkant extra hebben (laten) isoleren.

Opzoeken in documenten
De makkelijkste manier om erachter te komen of uw woning extra dakisolatie heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat dat er extra dakisolatie is aangebracht.

Heeft u geen documenten, dan moet u op ontdekking in uw huis. Hieronder krijgt u hulp.

Hoe herken ik dakisolatie? (bouwperiode 1965 t/m 1991)

Het herkennen van extra dakisolatie
Dakisolatie is meestal lastig te zien. Het is vaak weggewerkt achter (gips)platen of bij een plat dak achter het plafond.

Hoe kunt u de dikte van het isolatiemateriaal laten zien? Er zijn verschillende mogelijkheden:

  • Heeft u een plat dak? In sommige gevallen ligt het isolatiemateriaal zichtbaar op de dakbedekking.
  • Heeft u een schuin dak? Het isolatiemateriaal zit tegen het dakbeschot aan de binnenkant, zónder afwerkingsplaten. Het dakbeschot is het hout of ander materiaal waar de dakpannen op liggen. De isolatie zit dan tussen de grote dwarsbalken (gordingen) en is dus goed zichtbaar.

Dak isolatie binnenkant

Heeft u een schuin dak en zit het isolatiemateriaal tussen het dakbeschot en de afwerkingsplaten aan de binnenkant? Dan is de isolatie door de afwerking niet zichtbaar. U kunt dan kijken of het op een andere plek wel zichtbaar is:

  • Misschien zijn er bijvoorbeeld op de voorzolder of achter schotten wél onafgewerkte delen waar het isolatiemateriaal zichtbaar is.
  • Of is er een ventilatiepijp of rookgasafvoer die wat ruimte bij de afwerking heeft en waar het isolatiemateriaal wel zichtbaar en meetbaar is.

Let op: is uw dak gedeeltelijk geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van uw dak geïsoleerd? Vul dan in dat uw dak geïsoleerd is.

Is het dak voor minder dan de helft geïsoleerd? Vul dan in dat uw dak niet geïsoleerd is.

Uitzonderlijk goed geïsoleerd

Is uw dak uitzonderlijk goed geïsoleerd?
Heeft u uw dak uitzonderlijk goed geïsoleerd? Of heeft de vorige bewoner van uw woning dit gedaan? Uitzonderlijk goed geïsoleerd betekent een dak met 12 cm isolatie of een Rc-waarde van 3,0 of hoger.

De makkelijkste manier om uitzonderlijk goede isolatie te bewijzen is door het aanleveren van een foto. Minimale dikte isolatiemateriaal voor Rc waarde groter of gelijk aan 3.0 m² ww.

  • Glaswol meer dan 12 cm
  • PIR- en PUR-platen meer dan 8 cm

Een andere manier om erachter te komen of uw woning deze mate van dakisolatie heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat welke Rc-waarde de dakisolatie heeft en/of de dikte van de dakisolatie aangegeven staat.

Heeft u geen documenten, dan moet u op ontdekking in uw huis. Dakisolatie is meestal lastig te zien. Het is vaak weggewerkt achter (gips)platen of bij een plat dak achter het plafond.

Hoe kunt u dakisolatie wel zien? Er zijn verschillende mogelijkheden:

  • Heeft u een plat dak? In sommige gevallen ligt het isolatiemateriaal zichtbaar op de dakbedekking.
  • Heeft u een schuin dak? Dan kan het isolatiemateriaal aan de binnen- of buitenkant zijn aangebracht.
    • Aan de buitenkant:
      Het isolatiemateriaal ligt tussen de dakpannen en het dakbeschot. Het dakbeschot is het hout of ander materiaal waar de dakpannen op liggen. Til vanuit een dakraam een dakpan op om dit te kunnen zien.
      Dak isolatie buitenkant

  • Aan de binnenkant:
    Het isolatiemateriaal zit, zónder afwerkingsplaten, aan de binnenkant tegen het dakbeschot (het hout of ander materiaal waar de dakpannen op liggen). Het isolatiemateriaal is dan vanaf de binnenkant al goed zichtbaar.
    Dak isolatie binnenkant

  • Heeft u een schuin dak en zit het isolatiemateriaal tussen het dakbeschot en de afwerkingsplaten aan de binnenkant? Dan is de isolatie door de afwerking niet zichtbaar. U kunt dan kijken of het op een andere plek wel zichtbaar is:
    • Misschien zijn er bijvoorbeeld op de voorzolder of achter schotten wel onafgewerkte delen waar het isolatiemateriaal zichtbaar is.
    • Of is er een ventilatiepijp of rookgasafvoer die wat ruimte bij de afwerking heeft en waar het isolatiemateriaal wel zichtbaar en meetbaar is.

Let op: is uw dak gedeeltelijk uitzonderlijk goed geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van uw dak uitzonderlijk goed geïsoleerd? Vul dan in dat uw dak uitzonderlijk goed geïsoleerd is. Is het dak voor minder dan de helft uitzonderlijk goed geïsoleerd? Vul dan in dat uw dak niet uitzonderlijk goed geïsoleerd is.

9. Is uw vloer extra geïsoleerd
9. Is uw vloer extra geïsoleerd

Hier geeft u aan of uw vloer na de bouw extra geïsoleerd is.  Voor uitzonderlijk goede isolatie van 12 cm dik of met een RC-waarde gelijk aan of groter is dan 3,0 maakt het niet uit of het tijdens of na de bouw is aangebracht.

Er zijn drie invoermogelijkheden:

  • Vloer niet extra geïsoleerd
  • Vloer extra geïsoleerd
  • Ongeveer 12cm vloerisolatie (aantoonbare Rc waarde: 3,0)

Hierbij krijgt u de volgende keuzes te zien.

Hoe herken ik vloerisolatie

Woningen t/m 1982

Heeft u vloerisolatie? (woningen t/m 1982)
Bij de bouw van uw woning is de vloer niet geïsoleerd. Het kan wel zijn dat u of de vorige bewoners van uw huis de vloer hebben geïsoleerd of hebben laten isoleren.

Opzoeken in documenten
Een makkelijke manier om erachter te komen dat uw woning vloerisolatie heeft, is door het op te zoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis, zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat of de vloer geïsoleerd is.

Herkennen van vloerisolatie
Heeft u geen van bovenstaande documenten, dan kunt u zelf checken of uw vloer is geïsoleerd. Hoe? Dat leggen we u hieronder uit.

Vloeren kunnen op verschillende manieren geïsoleerd zijn:

  • Er kan onder de vloer, in de kruipruimte, isolatie zijn aangebracht. Dit kunt u eenvoudig checken door een blik te werpen in de kruipruimte. Ziet u daar isolerend materiaal, zoals thermoskussens, piepschuim(chips), glas- of steenwol, schelpen of gespoten PUR-schuim, dan is uw vloer geïsoleerd.


Er kan isolatiemateriaal op de bodem (van de kruipruimte) zijn aangebracht. Dit ziet u snel doordat er een laag isolatiemateriaal op de bodem van uw kruipruimte is gespoten.

Is uw vloer gedeeltelijk geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van de vloer in uw woning geïsoleerd? Vul dan in dat uw vloer geïsoleerd is.

Is de vloer in uw woning voor minder dan de helft geïsoleerd? Vul dan in dat uw woning niet geïsoleerd is.

Woningen vanaf 1983

Is uw vloer extra geïsoleerd? (woningen bouwjaar vanaf 1983)
Tijdens de bouw van uw woning is vloerisolatie aangebracht. Wellicht heeft u of een van de vorige bewoners van uw huis de vloer nog eens extra geïsoleerd of laten isoleren.

Opzoeken in documenten
Een makkelijke manier om erachter te komen dat uw woning vloerisolatie heeft, is door het op te zoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis, zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat of er extra vloerisolatie is aangebracht.

Herkennen van vloerisolatie
Heeft u geen van bovenstaande documenten en weet u niet zeker of uw vloer extra is geïsoleerd? U kunt het zelf ontdekken door onder de vloer, in de kruipruimte, te checken:

  • Ziet u daar isolerend materiaal, zoals thermoskussens, piepschuim(chips), glas- of steenwol, schelpen of gespoten PUR-schuim, dan is uw vloer extra geïsoleerd.

  • Ziet u op de bodem van de kruipruimte een dikke laag isolatiemateriaal? Dan is uw vloer ook extra geïsoleerd.


Is uw vloer gedeeltelijk geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van de vloer in uw woning geïsoleerd? Vul dan in dat uw vloer geïsoleerd is.

Is de vloer in uw woning voor minder dan de helft geïsoleerd? Vul dan in dat uw woning niet geïsoleerd is.

Uitzonderlijk goed geïsoleerd

Is uw vloer uitzonderlijk goed geïsoleerd?
Wellicht heeft u of een van de vorige bewoners van uw huis de vloer uitzonderlijk goed geïsoleerd of laten isoleren. Uitzonderlijk goed geïsoleerd betekent een vloer met 12 cm isolatie of een Rc-waarde van 3,0 of hoger.

De makkelijkste manier om uitzonderlijk goede isolatie te bewijzen is door het aanleveren van een foto. Minimale dikte isolatiemateriaal voor Rc ≥ 3,0 m2K/W:
Glaswol                          meer dan 12 cm
PIR- en PUR-platen      meer dan 8 cm

Een andere manier om erachter te komen dat uw woning uitzonderlijk goede vloerisolatie heeft, is door het op te zoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat welke Rc-waarde de vloerisolatie heeft en/of de dikte van de vloerisolatie aangegeven staat.

Vloeren kunnen op verschillende manieren geïsoleerd zijn:

  • Er kan onder de vloer, in de kruipruimte, isolatie zijn aangebracht. Dit kunt u eenvoudig checken door een blik te werpen in de kruipruimte. Ziet u daar isolerend materiaal, zoals thermoskussens, piepschuim(chips), glas- of steenwol of gespoten PUR-schuim dan is uw vloer geïsoleerd.

Is uw vloer gedeeltelijk uitzonderlijk goed geïsoleerd? Ga dan uit van het grootste oppervlakte als antwoord. Is bijvoorbeeld meer dan de helft van de vloer in uw woning uitzonderlijk goed geïsoleerd? Vul dan in dat uw vloer uitzonderlijk goed geïsoleerd is. Is de vloer in uw woning voor minder dan de helft uitzonderlijk goed geïsoleerd? Vul dan in dat uw woning niet uitzonderlijk goed geïsoleerd is.

10. Hoe verwarmt u uw huis
10. Hoe verwarmt u uw huis

Hier geeft u aan wat voor type verwarming u in uw woning heeft.

De makkelijkste manier om te bewijzen wat voor type verwarming u heeft is door het maken van foto’s van de warmteopwekker. Bij een CV-ketel kunt u een overzichtsfoto maken van de ketel, keurmerksticker en/of het typeplaatje van de ketel.

Ook kunt u het type verwarming met documenten aantonen dan moet dat een factuur, aan- of verkoopbrochure, bouwkundig – of taxatierapport zijn waarin de energetische kenmerken van het type verwarming duidelijk vermeld zijn.

De keuzemogelijkheden kunt u hieronder zien.

Herkennen van uw verwarmingsinstallatie
Weet u niet op welke manier uw huis wordt verwarmd? Er zijn diverse mogelijkheden. Ga op ontdekking in uw woning en kijk welke installatie aanwezig is.

CV-ketel (installatiejaar voor of na 1998)
Een mogelijke verwarming is een CV-ketel.
We onderscheiden op basis van energiezuinigheid twee groepen CV-ketels:

  • CV-ketels van voor 1998 en CV-ketels geïnstalleerd in of na 1998. Ketels van voor 1998 worden vooral als energie onzuinige verwarmingsketels (CR of VR) beschouwd.
  • Ketels van na 1998 worden als energiezuinig (HR-ketels) beschouwd.


Hoe kunt u herkennen in welk jaar uw ketel is geïnstalleerd? Het installatiejaar vindt u vaak op een typeplaatje dat op of onder de ketel is bevestigd.

Als u kunt bewijzen dat u een HR-ketel heeft van voor 1998, dan mag u dit als ‘cv-ketel met installatiejaar in of na 1998’ opgeven.

Gaskachel
Een gaskachel staat los in een of meerdere vertrekken in de woning en verwarmt deze kamer(s) afzonderlijk.

Indien de gaskachel aanwezig is als sfeerverwarming, en er ook een ander type verwarmingstoestel aanwezig is, bijvoorbeeld een CV-ketel, dan geldt niet de gaskachel maar de CV-ketel als verwarmingstoestel.

Warmtepomp
Warmtepompen maken gebruik van warmte uit de lucht of bodem(water).

Stadsverwarming
Als u zelf geen toestel in huis heeft, dan maakt u gebruik van een collectieve verwarming zoals stads- of blokverwarming. Bij stadsverwarming is een (grote) wijk aangesloten op restwarmte van een elektriciteitscentrale of andere vormen. Bij blokverwarming is er sprake van een gemeenschappelijke CV-ketel.

Overige mogelijkheden
Andere mogelijkheden voor verwarmingsinstallaties zijn een moederhaard, elektrische verwarming, HRe-ketel of een biomassa CV-ketel. Of, in geval van appartementen, een gemeenschappelijke warmtekrachtkoppeling (WKK) of gemeenschappelijke biomassa CV-ketel. Deze opties kunt u als volgt in de tool aangeven: Invoeren als

Hoe herken ik het type verwarming

11. Warm water
11. Warm water

Wordt uw verwarmingstoestel ook gebruikt voor het bereiden van warm water?

Hier geeft u aan of u uw CV-ketel gebruikt  voor het opwekken van warm water om te douchen en voor het warme water in de keuken of dat u beschikt over een geiser of boiler.

Er zijn drie invoermogelijkheden:

  • Ja
  • Nee, ik heb een geiser
  • Nee, ik heb een elektrische boiler
    (geen kokend water kraan of close in boiler)

Hierbij krijgt u de volgende keuzes te zien:

Opzoeken in documenten
De makkelijkste manier om te ontdekken welk soort warmwatervoorziening uw woning heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis, zoals aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat welk toestel voor de warmwatervoorziening is aangebracht.

Herkennen van uw aparte warmwatervoorziening
Mocht u niet weten welk warmwatertoestel u in uw woning heeft en heeft u geen documenten kunnen vinden, ga dan op onderzoek uit in uw woning. Hieronder ziet u hoe u de verschillende soorten toestellen kunt herkennen.

Geiser
Een geiser werkt op gas. Als u de warmwaterkraan open draait, dan begint de geiser te branden. Meestal hangt de geiser in de keuken, maar soms hangt de geiser in de badkamer.

Elektrische boiler
Een boiler verwarmt een vat met water. Het warme water wordt op een constante temperatuur gehouden, zodat u het kunt gebruiken. De meeste boilers zijn elektrisch.

Warmtepompboiler
Als u een warmtepompboiler heeft, dan moet u antwoord ‘ja’ invullen.
Behalve als het verwarmingstoestel een gaskachel is, dan moet u invullen dat u een elektrische boiler heeft voor de bereiding van warm water.

Gasgestookte boiler
Als u een gasgestookte boiler heeft, en uw woning wordt verwarmd met een CV-ketel, dan moet u ‘ja’ invullen. Wordt uw woning verwarmd met stadsverwarming, een warmtepomp of een gaskachel dan moet u opgeven dat het warme water wordt bereid met een ‘geiser’.

Close-in boiler of Quooker
Wanneer u in uw keuken een close-in boiler of Quooker heeft geeft u aan dat uw verwarmingstoestel wordt gebruikt voor het bereiden van warm water. Dit omdat wij een close-in boiler niet mogen goedkeuren als elektrische boiler. Met een elektrische boiler wordt een boiler bedoeld die zowel de keuken als de badkamer van warm water voorziet.

Hoe herken ik een extra warmwatervoorziening?

12. Zonne-energie
12. Zonne-energie

Heeft uw woning een zonneboiler of maakt u gebruik van zonnepanelen, en zo ja hoeveel vierkante meter?

Hierbij krijgt u de volgende keuzes te zien:

De makkelijkste manier om te bewijzen dat uw woning een zonneboiler of zonnepanelen heeft en hoeveel vierkante meter de zonnepanelen zijn, is door een foto aan te leveren van de zonnepanelen en/of zonneboiler. U kunt ook de verkoop brochure van de woning, een bouwkundig rapport en/of originele facturen van de zonne-energie installatie aanleveren.

Hoe herken ik een zonne-installatie?

Het herkennen van een zonneboiler:
Een zonneboiler levert warm water. Een zonneboiler is te herkennen aan een zonnecollector op het dak en aan een voorraadvat ergens in de woning, vaak op de zolder.

Het herkennen van zonnepanelen:
Zonnepanelen zijn meestal grote platte donkerkleurige vlakken. Vaak worden de panelen op het dak strategisch geïnstalleerd waardoor de panelen de meeste zon kunnen opvangen. Dan levert een zonnepaneel de meeste elektriciteit.

Het berekenen van het aantal vierkante meter zonnepanelen
U kunt het aantal vierkante meter zonnepanelen zelf uitrekenen, uitgaande van een gemiddelde oppervlakte van een zonnepaneel. De oppervlakte die wij per paneel mogen rekenen is 1,65 m2. Wanneer u dit vermenigvuldigd met het aantal zonnepanelen heeft u aantal vierkante meters zonnepanelen.

Opmerkingen

  • Alleen zonnepanelen gelegen op het eigen perceel tellen mee voor het energielabel. Als u participeert in een zonnepanelen collectief (waarbij de zonnepanelen op een ander gebouw liggen), dan mogen de zonnepanelen niet worden meegenomen bij het opstellen van het energielabel.
  • Als uw woning is gelegen in een appartementencomplex en u heeft geïnvesteerd in zonnepanelen die op het dak van het appartementencomplex zijn geïnstalleerd, dan mogen de zonnepanelen worden meegenomen bij het opstellen van het energielabel. Het aantal vierkante meter zonnepanelen voor uw woning is dan het totale oppervlakte van de zonnepanelen gedeeld door het aantal aangesloten woningen.

Heeft u een PVT-systeem?
Een PVT-systeem is een systeem waarbij zowel elektriciteit als warm water geproduceerd wordt door middel van een zonne-energie-systeem. In dat geval moet u zowel een zonneboiler als zonnepanelen opgeven. Voor de oppervlakte van de zonnepanelen geeft u de oppervlakte van het PVT-systeem op.

13. Ventilatie
13. Ventilatie

Wordt uw woning mechanisch geventileerd of betreft het in uw woning natuurlijke ventilatie?

Er is sprake van mechanische afzuiging als er in de woning continu (24 uur per dag) lucht wordt afgezogen. Een aparte afzuigventilator in het toilet of de badkamer en/of afzuigkap in de keuken vallen dus niet onder mechanische afzuiging. Wanneer u niet over een ventilatie box beschikt verzoeken wij u in de webapplicatie aan te geven dat het natuurlijke ventilatie betreft.

U krijgt de volgende keuzes mogelijkheden te zien:

Heeft u mechanische afzuiging? (woningen t/m 1999)

Ventileren kost energie, maar is geen energieverspilling. Het is noodzakelijk voor een goede gezondheid. De energiekosten hangen af van het soort ventilatie.

In uw situatie zijn er twee mogelijkheden:

  • Natuurlijke ventilatie. In de meeste oude huizen zit geen mechanisch ventilatiesysteem. Ventilatie gebeurt dan door roosters en klepraampjes.
  • Mechanische afzuiging

Hoe herken ik mechanische ventilatie? (t/m 1999)

Heeft u balansventilatie? (woningen vanaf 2000)
Ventileren kost energie, maar is geen energieverspilling. Ventileren is noodzakelijk voor een goede gezondheid. De energiekosten hangen af van het soort ventilatie.

In uw situatie zijn er twee mogelijkheden:

  • Mechanische afzuiging
  • Balansventilatie

Hoe herken ik balansventilatie? (bouwjaar vanaf 2000)

Het herkennen van balansventilatie
U heeft balansventilatie als:

  • U een zogenaamde ventilatie-unit heeft. Een ventilatie-unit is een apparaat dat meestal in dezelfde ruimte staat als de verwarmingsketel.
  • Deze ventilatie-unit 4 buizen of slangen heeft (zie foto).
  • De slaapkamers en woonkamer in het plafond ventielen voor de aanvoer van frisse lucht hebben en de badkamer, keuken en/of toilet ventielen waardoor lucht wordt afgezogen

Het herkennen van mechanische afzuiging
U heeft mechanische afzuiging, als u een zogenaamde ventilatie-unit heeft. Een ventilatie-unit is een apparaat dat meestal in dezelfde ruimte staat als de verwarmingsketel. Op de ventilatie-unit zijn twee buizen of slangen aangesloten (zie foto).

Opzoeken in documenten
Een andere manier om erachter te komen welk soort ventilatie uw woning heeft, is het opzoeken van informatie hierover in:

  • Documenten over uw huis zoals een aan- of verkoopbrochure.
  • Het bouwkundig rapport of taxatierapport dat u bij aankoop van uw huis heeft laten opstellen.
  • De factuur van een verbouwing waarin duidelijk staat welke ventilatie is aangebracht.
14. Uitzonderlijke maatregelen
14. Uitzonderlijke maatregelen

Zijn er in de woning uitzonderlijke energiebesparende maatregelen getroffen zoals drievoudig glas of 12 centimeter gevel-, dak- of vloerisolatie? Wanneer dit het geval is kunt u de kenmerken aangeven.

Hierbij krijgt u de volgende keuzes te zien:

15. Overzicht woningkenmerken
Overzicht woningkenmerken

Op deze pagina ziet u een overzicht van alle woningkenmerken. Controleer deze gegevens goed, u kunt deze nog wijzigen. Wanneer alle gegevens kloppen klikt u op ”naar stap drie

16. Lever bewijs
16. Lever bewijs

Er wordt u de mogelijkheid geboden alle benodigde bewijslasten in één keer te bewijzen wanneer u beschikt over een brochure. In deze brochure moeten alle energetische kenmerken die bewezen moeten worden vermeld zijn.

Wanneer dit het geval is kunt u de optie alle kenmerken met een verkoopbrochure te bewijzen aanvinken en klik u vervolgens op “Naar overzicht bewijsvoering

Aangezien de meeste verkoopbrochures niet volledig zijn is het vaak makkelijker per kenmerk een foto te uploaden. Voor alle te bewijzen woningkenmerken kunt u bewijslast uploaden.

Als laatste krijgt u een overzicht van de aangeleverde bewijslasten en verklaart u dat alles naar waarheid ingevuld is. Vervolgens klikt u op “naar stap 4”om door te gaan.

17. Wat doet een deskundige?
17. Wat doet een deskundige?

Een erkend deskundige controleert uw aanvraag. Hij of zij bezoekt de woning niet op locatie, maar beoordeelt het bewijs dat u heeft geleverd vanachter de computer. Verder registreert de erkend deskundige het energielabel in de officiële Nederlandse database EP-online.

Alle erkend deskundige van Label-snel waar u uit kunt kiezen zijn onafhankelijk en mogen een energielabel afgeven namens de Rijksoverheid. (RVO)

18. Selecteer een deskundige
18. Selecteer een erkend deskundige

Hier selecteert u een erkend deskundige van Label-snel. U kunt zoeken op bedrijfsnaam aan de rechterzijde van het scherm.

Wanneer u ons heeft geselecteerd krijgt u onderstaand scherm te zien. Dit is een korte omschrijving inclusief de prijs van € 9,00 incl. BTW. en de reactietijd van 1 dag. Vervolgens klikt u op “selecteren”.

Vervolgens krijgt u onderstaand overzicht van de aanvraag en klikt u op “klopt, naar betalen”

19. De aanvraag afronden
19. De aanvraag afronden

Daarna kunt u akkoord gaan met de algemene voorwaarden door dit aan te vinken.

De algemene voorwaarden staan hieronder vermeld.

Vervolgens wordt u verzocht uw contactgegevens in te vullen. Het e-mailadres wat u hier vermeld is, is ook het e-mailadres waar uiteindelijk het definitieve energielabel wordt verstuurd en indien u dat aangeeft de factuur.

Wanneer u alle gegevens heeft ingevuld krijgt u per mail een bevestigingscode die u moet invoeren op het scherm. Daarna klik u op “bevestigingscode controleren” en kunt u de gewenste betaalwijze selecteren en klikken op “Verder”

Indien gewenst kunt u een ander factuuradres opgeven door deze mogelijkheid aan te vinken.

20. Aanvraag verstuurd
Aanvraag verstuurd

De laatste melding die u krijgt is dat uw aanvraag verzonden is naar de erkend deskundige. U ontvangt hiervan een bevestigingsmail in uw mailbox. Ook wordt het dossiernummer van uw aanvraag vermeld en de mogelijke interessante energiebesparende maatregelen voor uw woning.

Door te klikken op “Terug naar Woningoverzicht” gaat u terug naar de hoofdpagina met het overzicht van uw woning(en).

Mocht u nog vragen hebben over de webapplicatie van de rijksoverheid kunt u contact opnamen met de Energielabel helpdesk.

De medewerkers van de Energielabel helpdesk zitten klaar om al uw vragen te beantwoorden. U kunt de helpdesk van maandag tot en met donderdag tussen 8:00 en 20:00 uur en op vrijdag tussen 8.00 en 17.00 uur bereiken via 0800 -0808.